Wettelijke opzeggingstermijn + opzegvergoeding berekenen op basis van anciënniteit, statuut en wie ontslag geeft. Gratis, geen registratie, resultaat direct — gebaseerd op de officiële barema's van de FOD Werkgelegenheid.
Bij een verbreking zonder opzegtermijn betaalt de werkgever een vergoeding gelijk aan het loon van de opzegtermijn. Vul het aantal weken opzegtermijn in (of bereken dit eerst op het tabblad "Opzegtermijn") en je bruto maandloon.
Bij een contract van bepaalde duur gestart vanaf 2014: eerste helft (max. 6 maanden) = gewone opzegtermijn mogelijk. Nadien = vergoeding, geplafonneerd op tweemaal het loon van de opzegtermijn.
Bron: FOD Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg — Wet Eenheidsstatuut (26 december 2013), art. 37/2 Arbeidsovereenkomstenwet. Geverifieerd 31 juli 2026.
| Anciënniteit | Opzegtermijn |
|---|---|
| 0 tot <3 maanden | 1 week |
| 3 tot <4 maanden | 3 weken |
| 4 tot <5 maanden | 4 weken |
| 5 tot <6 maanden | 5 weken |
| 6 tot <9 maanden | 6 weken |
| 9 tot <12 maanden | 7 weken |
| 1 tot <2 jaar | 8-11 weken |
| 2 tot <5 jaar | 12-17 weken |
| 5 tot <10 jaar | 18-32 weken |
| 10 tot <17 jaar | 33-53 weken |
| 17 tot <23 jaar | 54-64 weken |
| 23 jaar en meer | 65 weken |
Volledige tabel per jaar wordt gebruikt in de calculator hierboven. Contracten gestart vanaf 1 juni 2026: de opzegtermijn wordt vanaf 17 jaar anciënniteit begrensd op 52 weken (in plaats van oplopend tot 65 weken).
Voor bedienden met een contract gestart vóór 1 januari 2014 bestaat de opzegtermijn uit twee delen die worden opgeteld:
Lagere bediende (jaarloon ≤ €32.254 in 2013): 3 maanden per begonnen schijf van 5 jaar anciënniteit.
Hogere bediende (> €32.254): 1 maand per begonnen jaar, minimum 3 maanden.
Berekend volgens het geharmoniseerde barema hierboven, alsof de anciënniteitsteller op 1 januari 2014 herbegon.
Dit is niet de zogenaamde "formule Claeys" — die formule had nooit een wettelijke basis (louter jurisprudentiële/statistische praktijk vóór 2014). De hierboven beschreven regel is de wettelijk gecodificeerde regeling voor het bevroren deel, zoals gepubliceerd op werk.belgie.be.
Voor arbeidsovereenkomsten gestart vanaf 1 januari 2014 is er geen verschil meer tussen de opzegtermijn van een bediende en die van een arbeider. De Wet Eenheidsstatuut heeft één uniform barema ingevoerd dat enkel kijkt naar de anciënniteit, niet naar het statuut. Wie vandaag "opzegtermijn berekenen bediende" of "opzegtermijn arbeider berekenen" opzoekt, komt dus bij dezelfde tabel uit als hierboven — de calculator vraagt je statuut alleen wanneer je contract vóór 2014 begon.
Het onderscheid bediende/arbeider speelt nog uitsluitend mee voor het bevroren deel van de anciënniteit (opgebouwd tot 31/12/2013) bij contracten die op dat moment al liepen. Voor dat deel gelden de oude regels: voor lagere bedienden 3 maanden per begonnen schijf van 5 jaar, voor hogere bedienden 1 maand per begonnen jaar (minimum 3 maanden). Voor arbeiders met een contract van vóór 2014 is dat bevroren deel sectorafhankelijk (paritair comité) en wordt het in deze calculator bewust niet berekend.
Concreet: een bediende en een arbeider die op dezelfde dag in 2018 zijn beginnen werken en in 2026 worden ontslagen, hebben exact dezelfde opzegtermijn. De opzeggingstermijn voor bedienden is met andere woorden niet langer "gunstiger" dan die voor arbeiders — dat was zo vóór het eenheidsstatuut, maar niet meer.
Wanneer de werknemer zelf ontslag neemt, geldt een korter barema dan bij ontslag door de werkgever, met een wettelijk maximum van 13 weken. Sinds de hervorming van 28 oktober 2023 is dit barema uniform — het maakt niet meer uit wanneer je contract begon of wat je statuut is. Zet in de calculator hierboven "Wie beëindigt de arbeidsovereenkomst?" op Werknemer (ontslagname) om je eigen opzegtermijn te berekenen.
| Anciënniteit | Opzegtermijn (werknemer) |
|---|---|
| 0 tot <3 maanden | 1 week |
| 3 tot <6 maanden | 2 weken |
| 6 tot <12 maanden | 3 weken |
| 1 tot <1,5 jaar | 4 weken |
| 1,5 tot <2 jaar | 5 weken |
| 2 tot <4 jaar | 6 weken |
| 4 tot <5 jaar | 7 weken |
| 5 tot <6 jaar | 9 weken |
| 6 tot <7 jaar | 10 weken |
| 7 tot <8 jaar | 12 weken |
| 8 jaar en meer | 13 weken (wettelijk maximum) |
Bron: art. 37/2 §2 Arbeidsovereenkomstenwet, zoals aangepast door de wet van 28/10/2023. De opzegtermijn die de werknemer presteert, gaat net als bij ontslag door de werkgever in op de eerstvolgende maandag na de kennisgeving.
Wanneer de arbeidsovereenkomst onmiddellijk wordt beëindigd zonder dat er een opzegtermijn wordt gepresteerd, is een opzegvergoeding (ook verbrekingsvergoeding of opzeggingsvergoeding genoemd) verschuldigd. Die vergoeding is gelijk aan het loon dat je tijdens de niet-gepresteerde opzegtermijn zou hebben verdiend. Het tabblad Opzegvergoeding in de calculator hierboven doet deze berekening voor je.
Formule: bruto opzegvergoeding = aantal weken opzegtermijn × het lopend weekloon, waarbij het weekloon wordt afgeleid van het bruto maandloon (maandloon × 12 ÷ 52). Bereken eerst het aantal weken op het tabblad Opzegtermijn en vul dat samen met je maandloon in.
Het "lopend loon" voor de berekening van de ontslagvergoeding omvat niet alleen je basisloon, maar ook de verworven voordelen: vakantiegeld, eindejaarspremie, de privé-waarde van een bedrijfswagen, groepsverzekering, maaltijdcheques en variabel loon (bonussen, commissies) gemiddeld over de laatste 12 maanden. Vergeet je die posten, dan valt je berekende opzegvergoeding te laag uit.
Deze calculator toont het brutobedrag. De netto-opzegvergoeding hangt af van je totale belastbaar jaarinkomen (progressieve bedrijfsvoorheffing, geen vast tarief) en wordt hier bewust niet gemodelleerd — een benaderend percentage zou misleidend zijn.
Een vakbond — ACV, ABVV of ACLVB — hanteert geen eigen barema. De opzegtermijn die je vakbond voor je berekent, is exact dezelfde als die uit de wettelijke tabellen op deze pagina, want iedereen valt onder hetzelfde kader (Wet Eenheidsstatuut, art. 37/2 Arbeidsovereenkomstenwet). Het resultaat van deze calculator komt dus overeen met wat een ACV- of ABVV-consulent zou uitrekenen op basis van dezelfde anciënniteit en startdatum.
Waar een vakbond wél toegevoegde waarde biedt: bij een betwisting over de correcte anciënniteit, een afwijkende sectorale CAO, een ontslag om dringende reden, of de exacte samenstelling van het lopend loon voor de opzegvergoeding. Ben je aangesloten, laat je berekening dan bevestigen door je vakbondssecretariaat vooraleer je een opzegbrief tekent of aanvaardt.
Deze calculator geeft een indicatieve schatting op basis van de wettelijke barema's. Bij een geschil, een dringende reden, een afwijkende CAO-bepaling, of een arbeider met contract van vóór 2014 (niet gemodelleerd), raadpleeg een gespecialiseerde arbeidsrechtadvocaat.
Vind een ontslagadvocaat →